CARMEN bij DNO. Terug naar de plaats van de misdaad.

Nietzsche: “Diese Musik schwizt nicht”

Carmen van Georges Bizet. Opéra comique in vier bedrijven. 1874. Libretto van Henri Meilhac en Ludovic Halévy, naar de roman van Prosper Mérimée.
Eerste opvoering door de Opéra-Comique in de Salle Favart, Parijs, op 3 maart 1875.
Bijgewoonde voorstelling, première 3-9-2022, DNO, Muziektheater.

Muzikale leiding Jordan de Souza
Regie Robert Carsen
Don José Stanislas de Barbeyrac
Escamillo Łukasz Goliński
Le Dancaïre Michael Wilmering
Le Remendado Ian Castro
Zuniga Frederik Bergman
Morales Georgiy Derbas-Richter
Carmen J’Nai Bridges
Micaëla Adriana González
Frasquita Inna Demenkova
Mercédès Polly Leech
Lilas Pastia Laurent D’Elia
Nederlands Philharmonisch Orkest
Koor van De Nationale Opera
Nieuw Amsterdams Kinderkoor

Regie: 2*
Muziek: 3,5*

You can have any review automatically translated. Just click on the Translate button,
which you can find in the Google bar above this article.

Voor de figuur van Carmen heb je – wij formuleren het ruim – een bepaald type alt nodig. En dan duiden wij niet zozeer op de stimmliche eigenschappen, maar wel op de fysiek kenmerken van de dame in kwestie. In dat laatste opzicht zou menigeen Clémentine Margaine (kent u haar niet, klik dan als de brandweer HIER) verkiezen boven, in theorie, Aafje Heynis. Carmen is in de opera een slet, die wij tegenwoordig een “sterke vrouw” noemen. Haar verhaal speelt in het Sevilla van 1830.  Micaëla, het liefje van Don José wordt vervangen door deze Carmen, een meisje-van-de-suikerwerkfabriek, in casu voor al uw tabakswaren, met een neiging tot illegale activiteiten. Maar Carmen is ook poëtisch angehaucht: “L’amour est un oiseau rebelle, Que nul ne peut apprivoiser“ [De liefde is een rebelse vogel, die door niemand getemd kan worden.] Dat is andere koek dan haar Nederlandse collega’s van Eerste Schoonhovense Sigarettenfabriek “STEEK ‘M OP”, die nooit verder kwamen dan “Ik heb een potje, potje, potje, potje met vet, Al op de tafel gezet”. Zie rechtsonder.

Enfin, anders dan Don José sluit Carmen zich aan bij een bende smokkelaars, die samen met haar een criminele organisatie vormen. Carmen legt het door gebrek aan opvoeding en goede smaak  aan met stierenvechter Escamillo, een Teslarijder avant la lettre. Dat vindt Don José niet prettig. In het laatste bedrijf komen Escamillo en Carmen naar de arena. Don José heeft haar opgewacht en steekt haar dood. Don José is wel een karakterjongen. Na de fatale messteek zingt hij: « Vous pouvez m’arréter… c’est moi qui l’ai tuée! Ah! Carmen! ma Carmen adorée!   » (U kunt mij gerust arresteren, heren. Ik ben de moordenaar. Oh! Mijn teergeliefde Carmen!). Als u de DNO-Carmen gaat bezoeken, is het u helaas niet vergund deze slotwoorden van de opera mee te beleven: de allerlaatste woorden van Don José zijn geschrapt en de opera eindigt onnatuurlijk abrupt. Het is de laatste fase van de totale ontluistering van de kunstvorm “opera”: de regisseur die het beter weet dan de maker(s) van de opera. Als u het door Bizet bedoelde slot wil zien, klikt u HIER.

De opera speelt dus in het exotische, zonovergoten Sevilla en dit beeld had Bizet, die zich nadrukkelijk met het libretto bemoeide, ook voor ogen toen hij de opera componeerde. We zouden bijna zeggen: en zo moet de opera dan ook uitgevoerd worden, maar die conclusie houden wij liever voor onszelf: Feind hört mit!

De openingsaria, de Habañera, is een pakkende, alleraardigste melodie, die ook in menige commercial zijn diensten bewijst, zoals in de Ajax-reclame uit de jaren 80. Het ging hier dan wel niet over het Ajax der Godenzonen, maar over een schoonmaakmiddel (zie boven) waar huisvrouwen over de hele wereld veel baat bij hebben om hun echtgenoot elke dag weer in een fris en schoon huisje te kunnen ontvangen wanneer hij thuiskomt van zijn werk.

Tussen ons gezegd en gezwegen: Bizet had aanvankelijk op dezelfde tekst een andere aria voor Carmens entree geschreven, eentje in 6/8 maat, en de Habañera zoals wij die nu kennen is het (13e poging!) resultaat van de bemoeienissen van prima donna Galli-Marié, die de oorspronkelijke versie niet krachtig genoeg vond. Zij had een hoge mezzo-sopraan, die wel wordt aangeduid als een “Galli-Marié-stem”. Trouwens een griezelig mens, die Célestine Galli-Marié, met haar aapjes als huisdieren. Tijdens een uitvoering van Carmen in 1875 had ze tijdens de 3e akte “een voorgevoel” dat Bizet spoedig dood zou gaan. Ze viel flauw toen ze het podium verliet. En verdomd, die nacht stierf Bizet. Waar is Maigret als je ‘m nodig hebt?

De productie die nu in Amsterdam wordt gebracht is een herneming van de uitvoering in 2009. Een van de vele onbegrijpelijke beslissingen van DNO, aangezien de 2022-versie bijna net zo beroerd is als die uit 2009, alleen de solisten zijn nu iets beter. Het zonnige, exotische Sevilla, een essentiële achtergrond voor deze opera, werd door Carsen uiteraard niet gerespecteerd. Er werd een zandbak in stelling gebracht. Het moest allemaal grauw en grijs zijn, vooral de drie laatste aktes, terwijl de eerste akte een rommeltje was van rennende hordes en massale verkleedpartijen. Het “concept” (zucht) van Carsen is dat er een Carmen in elke vrouw schuilt. Wij hoeven maar een blik op de Lindengrachtmarkt te werpen, tante Nel van de aardappelkraam, om ernstig aan deze hypothese te twijfelen. Je hebt heel veel fantasie nodig om in deze lauwe en grauwe vertoning een warmbloedig en erotisch drama te zien. Deze benodigde fantasie ontbreekt ons helaas en stort ons in een crisis gelijk de Orthodox-Gereformeerde boer uit Grafhorst die, opgehitst door de Hellevorst, zijn geloof in het Opperwezen dreigt te verliezen. De Grafthortse boer grijpt vertwijfeld naar zijn Bijbel, de beduusde recensent grijpt naar de oekaze van DNO. En daarin vindt hij (haalt u even diep adem):

Carmen
Carmen, DNO 2022, foto Bart Grietens
Carmen
Carmen, DNO 2022, foto Bart Grietens

“Verleidster en femme fatale bij uitstek. Het toonbeeld van zuiders exotisme: het meest populaire personage uit de Franse opera is terug! Weg van de clichés [dat is het authentieke libretto. OK] zet regisseur Robert Carsen met zijn enscenering van de opera van Georges Bizet een Carmen neer waarin niet de kitsch  [dat is het authentieke libretto. OK], maar de kern van de Spaanse ziel centraal staat.”

Ja, het “zuiders exotisme”, dat stond Bizet en zijn librettisten Henri Meilhac en Ludovic Halévy ook voor ogen! Akkoord! Bravo! Maar dan,  ook “weg van de clichés” en een Carmen “waarin niet de kitsch, maar de kern van de Spaanse ziel centraal staat.” Nu hebben wij altijd begrepen dat juist het “zuiders exotisme” volgens de dwalende Mens van Nu de “kitsch” en de “clichés” in Carmen vormen. Een opvallende contradictie. Voor “de kern van de Spaanse ziel” kunt u trouwens beter de handel en wandel van addergebroed Joan Laporta, voorzitter van FC Barcelona, bestuderen.

Verder laat DNO ons weten: “Met J’Nai Bridges in de rol van Carmen presenteren we een van de meest gevraagde Carmens van dit moment.” En daar valt veel voor te zeggen. Bridges was in 2019 Carmen bij de San Francisco Opera, in 2021 bij de Cincinnati Opera, in januari 2022 bij de Palm Beach Opera, in de zomer 2022 in de Arena di Verona. Na Amsterdam volgen er nog Carmencita’s bij de Canadian Opera Company, en in het voorjaar 2023 bij de Lyric Opera of Chicago. J’Nai Bridges is met haar krachtige, volle stem een sterke Carmen, ze is bloedmooi en acteert onverschrokken. Haar donkere mezzo resulteert in een uiterst sensuele “Habañera” en is heftig in de “kaartscene” waarin een rampzalig einde der verwikkelingen wordt voorspeld. In de laatste ontmoeting met Don José zingt zij fantastisch en zijn haar bewegingen gracieus en verleidelijk. J’Nai Bridges is een misschien iets te deftige Carmen, en het is jammer dat ze zo af en toe een beetje vals zong; ook de registerbreuken waren verre van fraai. De genoemde kaartscène was dan wel weer een (ander) hoogtepunt in het optreden van J’Nai Bridges.

Don José werd vertolkt door Stanislas de Barbeyrac, voormalig eeuwig Mozartvertolker: hij zong zijn eerste Don José pas in 2021. Wij moeten zeggen: deze zanger beviel ons in grote lijnen goed. De Barbeyrac heeft een vocale uitstraling die voor ons als een prettige verrassing kwam. Wij zagen eerdere optredens van Stanislas de Barbeyrac, en vonden hem bij die gelegenheden nogal klunzig, maar zijn acteertalent en zijn fysieke aanwezigheid waren deze keer onberispelijk: een wanhopige en tragische Don José, die als een gevangen beest worstelt tijdens de slotscène. Jammer dat zijn dictie niet optimaal was.

Carmen
Carmen, DNO 2022, foto Bart Grietens

Lukasz Golinski, die als Escamillo vooral ijdelheid en charme moet uitstralen, klink wat krampachtig in de lagere regionen. In het toreadorlied ontbrak het aan standvastigheid en branie. Onberispelijk daarentegen was Adriana González als Micaëla: de spatzuivere volheid van haar stem maakte grote indruk. De bijrollen waren met Inna Demenkova, Polly Leech en Michael Wilmering uitstekend bezet. Ook het koor van DNO was weer in topconditie, hoewel het af en toe in gevecht ging met het Nederlands Philharmonisch Orkest, dat onder leiding van Jordan de Souza veel te braaf speelde.

Onzinnige poppenkast

Er waren een paar honderd uiteraard onbezoldigde figuranten c.q. toeschouwers ( “participanten” genaamd) gerekruteerd om, in hun eigen 21-eeuwse zomerkloffie op het toneel aanwezig te zijn. De bedoeling ervan was in 2009 en is nog steeds in 2022 geheel onduidelijk. En de “vondst” is bepaald niet nieuw. “De opera is een opera” wordt al decennialang toegepast, vooral als laatste redmiddel om maar in godsnaam iets interessants, iets nieuws te brengen. Dit was waarschijnlijk een kritiekloos aanvaarde en uitgevoerde oprisping van Carsens platte distinctiedrift en gebrek aan originaliteit. Hoe dan ook, deze onzinnige en anachronistische poppenkast voegde dus niets toe, net als in 2009.

Olivier Keegel

Carmen
Hollandse sigarettenmaaksters en Habanera. "Ik heb een potje met vet, al op de tafel gezet."
2.8 5 stemmen
Artikelbeoordeling
Olivier Keegel

EDITOR-IN-CHIEF AND REVIEWER

Chief Editor since 2019. Does not need much more than Verdi, Bellini and Donizetti. Wishes to resuscitate Tito Schipa and Fritz Wunderlich. Certified unmasker of directors' humbug.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
5 Reacties
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Fred
Fred
25 dagen geleden

ja vond het ook niet zo een geslaagd muzikale avond, maar ik heb wel genoten van iedereen rond mij.. de produktie had misschien nieuwe regie moeten krijgen, maar ja….. dat is ook weer zoiets….. Ik vond de toreador de beste van de avond. We moeten waarschijnlijk weer 10 jaar wachten op een echte weer top avond met Bizet wonderschone muziek.

Ron Jacobi
Ron Jacobi
25 dagen geleden

Bedankt Olivier voor je recensie. Ik heb niet echt genoten van de opera, inderdaad een onzinnige poppenkast. Ik was vooral onder de indruk van Stanislas de Barbeyrac, Inna Demenkova en Polly Leech. Het geheel vond ik middelmatig.

chris horsmeier
chris horsmeier
7 dagen geleden
Antwoord aan  Ron Jacobi

zeker zeer onder de indruk van Stanislas de Barbeyrac. vond de Carmen erg tegenvallen qua zang. soms vals. Nee dit was mijn Carmen niet in zijn totaliteit jammer

fred
fred
6 dagen geleden

derde uitschuiver, ik citeer :  “Voor “de kern van de Spaanse ziel” kunt u trouwens beter de handel en wandel van addergebroed Joan Laporta, voorzitter van FC Barcelona, bestuderen.”
Ik denk niet dat de heer Laporta blij zal met deze uitspraak als “Spaanse ziel” daar hij een Catalaan is. Tenzij in je ogen de Spaanse ziel garat stat voor corruptoie allerhande uiteraard.
Grappig zijn is altijd fijn maar dat vraagt zeker ook een serieux qua feiten.