DIE PASSAGIERIN
DIE PASSAGIERIN, opera (1967–1968) in twee bedrijven van MIECZYSŁAW WEINBERG. Libretto van Alexander Medvedev en Yury Lukin, naar een roman van Zofia Posmysz. Eerste scenische opvoering tijdens het Festival van Bregenz op 21 juli 2010.
De opera gaat over de onverwachte ontmoeting tussen Lisa, een voormalige concentratiekampleidster die met haar echtgenoot, een diplomaat per cruiseschip de oversteek maakt naar Brazilië, en Martha, een voormalige Auschwitzgevangene.
Muziek Mieczysław Weinberg Libretto Alexander W. Medvedev en Yury Lukin Muzikale leiding Adam Hickox Regie Tobias Kratzer Nederlands Philharmonisch Koor van De Nationale Opera
Lisa Jenny Carlstedt Alte Lisa Sibylle Maria Dordel Walter Nikolai Schukoff Marta Sylvia D’Eramo Tadeusz Gyula Orendt Krystina Madison Horman Vlasta Iida Antola Hannah Eva Kroon Bronka 1 Margarita Nekrasova Bronka 2 Yvonne Kok Yvette Daria Brusova SS’er #1 Joe Chalmers SS’er #2 Mann Jasurbek Khaydarov SS’er #3 Lucas van Lierop Älterer Passagier Nanco de Vries Oberaufseherin / Kapo Sophie Wendt Steward Lukhanyo Bele Soloviolist Niek Baar
Muziek: 5 *
Regie: 4,5 *
Die Passagierin
U weet, als u goed opgelet heeft, dat elke opera eeuwige, brandende relevantie en schurende actualiteit heeft. Butterfly gaat niet over een Green Beret die het brandende braambos van een Japanse honnepon wil vertroetelen, maar over De Positie van de Vrouw, en wel in nog-steeds-actuele zin. En uiteraard over Kolonialisme en Slavernij. Bohème is geen romantisch-realistisch lariekoekig kletsverhaaltje, maar een scherpe sociale en existentiële Aanklacht. Armoede is geen decorstuk! Klimaatverandering, digitale surveillance, geopolitiek — allemaal bijzaak vergeleken met een dramatisch sterfbed in drie bedrijven. Laten we vooral blijven doen alsof elk kostuumdrama een spiegel van onze tijd is. Want wie kan er zonder de dringende maatschappelijke inzichten van een jaloerse 16e-eeuwse Hertog (“I did not have sexual relations with that woman, Ms. Gilda”) kunnen?
Kortom, alle opera’s zijn actueel. En schurend. En desoriënterend. Aldus komen de Castellucci Giovanni, de Warlikowski Macbeth, de Kosky Meistersinger en de Kratzer Tannhäuser in beeld. Het is vooral DNO, Afdeling Inclusiebelevingsonderzoek (“Gott! welch Dunkel hier!”), die ons voorhoudt dat alles wat zingt, loopt, trommelt en componeert ACTUEEL is.
Onthutsing
Maar wat krijgen we nou?! Nu IS er eens een keer een opera die contemporain en actueel is, en dan valt er in de DNO-teksten niet of nauwelijks een verwijzing naar de actualiteit te vinden. Waarom zou dat toch zijn?
De opera Die Passagierin van Mieczysław Weinberg gaat over de Holocaust, en dan verwacht men toch minstens de woorden “nog steeds urgent en confronterend” in de DNO-toelichting. Ik heb deze woorden niet gezien of eroverheen gelezen. De vermodderde teksten van DNO-vlakdenkers zijn niets anders dan opgeblazen “Things to restore the ego” om met Hemmingway te spreken, ze zijn niet om door te komen, en in flagrante strijd of juist in overeenstemming met Wittgensteins “Wat gezegd kan worden, kan duidelijk worden gezegd”. Er zit bij DNO een zekere, ons totaal onbekende mevrouw Roling (wel bekend van de gymnastieklessen tijdens Wagner-pauzes), die zich het briljante Hannah Arendt-cliché liet ontvallen: “Die Passagierin confronteert ons met de banaliteit van het kwaad”. De banaliteit van het kwaad! Absoluut! En “Alles gebeurt met een reden”, “De tijd heelt alle wonden” en “Volg gewoon je hart”.

Okay, DNO meldt braaf “In this production, a third temporal layer is added: the present day.” Dat had natuurlijk moeten zijn “This production takes a strong stand against growing anti-Semitism and rabid hatred of Israël.”
Vooral in het steeds antisemitischer wordende Amsterdam zou Die Passagierin een ferm statement kunnen maken, ware het niet dat DNO zich in hetzelfde gebouw verschanst heeft als het Amsterdams Gemeentebestuur en zijn vazallen, de Gemeenteraad (er zijn dissidenten, hoop gevestigd op JA21, met name Naomi Italiaander): perfide kruisbestuiving ligt voor de hand. Ferm stelling nemen tegen het pro-Hamas tuig, dat zit er even niet in. Als we aan politiek willen doen, dan pakken we Brecht en Weill erbij, lekker veilig. Maar we willen geen “groepen tegen elkaar opzetten”, we zijn er voor ALLE Amsterdammers, zolang je maar geen keppeltje draagt. Wij moeten…. MET ELKAAR IN GESPREK!
Enfin, opera dus. Lange tijd was men van mening dat de muziek van Die Passagierin-componist Mieczysław Weinberg in de schaduw stond van de composities van zijn vriend Dmitri Sjostakovitsj, maar Weinberg heeft een heel eigen stijl ontwikkeld. Bij Weinberg horen wij invloeden uit de romantiek, uit Joodse volksmuziek en uit modernere “Sovjetmuziek”. Soms klinkt het melodieus, maar net zo makkelijk vliegen de harde samenklanken je om de oren. Weinberg gebruikt hoekige ritmes die onrust, spanning oproepen. Zijn oeuvre wordt nu gezien als een van de belangrijkste herontdekkingen van de 20e-eeuwse klassieke muziek.

Die Passagierin (1968; gebaseerd op het boek van Auschwitz-overlevende Zofia Posmysz) is Weinbergs bekendste (aria-arme) werk, gebaseerd op een Auschwitz-ervaring. De opera speelt zich af op een cruiseschip, waar twee voormalige “bewoners” van het concentratiekamp Auschwitz elkaar ontmoeten. De ene is Lisa, die als bewaakster in het kamp werkte en nu met haar man, een diplomaat, op weg is naar Brazilië. De andere is Marta, een Poolse Jodin, die in Auschwitz opgesloten zat toen Lisa daar bewaakster was; Marta’s verloofde, Tadeusz, is bij haar. De opera vertelt over de emoties van de hoofdpersonen op het schip in het heden en, in flashbacks, in het concentratiekamp.
In 1968 teisteren de nazispoken racisme, antisemitisme, foltering en genocidaal geweld het cruiseschip. Net zoals ze dat in 2026 nog steeds doen, maar niet beperkt tot een boot: Joodse Amsterdammers, vooral die herkenbaar zijn door bijvoorbeeld het dragen van een keppeltje, worden op straat geconfronteerd met verwensingen of beledigende opmerkingen; Joden worden in de hoofdstad bespuugd en fysiek geïntimideerd. Bij bepaalde groepen immigranten uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika lijken (wij drukken ons voorzichtig uit) antisemitische opvattingen sterker aanwezig te zijn, hetgeen ook niet helpt. En, breder, we hebben ook nog het politiek geaccepteerde Kati Piri-antisemitisme.
Kratzer
De enscenering van Kratzer is adequaat, hoewel hij eigenlijk slechts zijdelings of impliciet naar Auschwitz of de oorlog verwijst. Wat dat betreft beviel ons de regie van Bernd Reiner Krieger (Theater Lübeck 2025) ons beter: een directer visueel verband tussen beeld en inhoud, minder intellectualisme.
Niet dat Kratzer ons niet enkele pareltjes van scenes voorschotelt. De twee SS’ers die een gezellig praatje houden over de Endlösung. En in de tweede akte lopen er fröhliche Partygäste door de eetzaal die violist Tadeusz op Auschwitz-achtige wijze te grazen nemen met de dood tot gevolg, een scène die dan weer niets intellectualistisch heeft maar relevant en keihard is.
Weinberg
De muziek van Weinberg vertoont trekjes van Dmitri Sjostakovitsj, Nikolai Miaskovski, Benjamin Britten, Gustav Mahler en Alban Berg. Er zijn weinig aria’s in Die Passagierin, jammer. En wij vragen ons immer af waarom de getoonzette tekst bij “moderne opera’s” (een fantastische term) altijd in strijd moet zijn met de logische zinsmelodie in gesproken taal.
Muzikaal is het echt wel even doorzetten bij Weinberg maar dat is meer dan de moeite waard, veel passages (sommige goed toegankelijk) kunnen op onze hoge waardering rekenen, oftewel voor het Nieuwe Publiek: “komen echt binnen”.

Het Nederlands Philharmonisch en dirigent Adam Hickox ontpopten zich nu al als Weinberg-specialisten; meesterlijk gemusiceerd. Ook het DNO-koor, in een soort requiem-rol, was weer als vanouds, dwz excellent.
De uitstekend acterende sopraan Sylvia d’Eramo, onlangs nog Mimi in Dallas en daarvoor Musetta bij de Metropolitan Opera, vertolkte de rol van Marta, en zij deed dat met haar veelzijdige stem uitstekend. Haar twee aria’s waren van adembenemend. Mezzosopraan Jenny Carlstedt zette een sterke, toegankelijke versie neer van Lisa, die steeds wordt achtervolgd door haar verleden. Haar zang klonk strak en in haar spel liet op adequate wijze haar emoties zien, vooral schaamte.
Tenor Nikolai Schukoff maakte een zeer aannemelijke indruk als de diplomaat die vooral met zichzelf bezig is. Goed geacteerd en zeer overtuigend gezongen. Bariton Gyula Orendt was prima als Tadeusz. Tijdens de vioolscène werd hij omgevolkt door violist Niek Baar. Nadrukkelijk dient Eva Kroon (Hannah) genoemd en geprezen te worden, wat een vakvrouw! De kleinere rollen waren niet problematisch.
Die Passagierin. Sterke enscenering. Indrukwekkende zang en uitstekend acteerwerk. Voortreffelijke muzikale kwaliteit.
Olivier Keegel
