De Japanse Arlésienne

De Japanse Arlésienne van Camille Saint-Saëns (1835 – 1921)

Japanse Arlésienne? Van Camille Saint-Saëns? Raadselachtig. Welgemeende felicitaties voor de opmerkzame lezer die weet welke eenakter hier wordt aangeduid van de Franse componist wiens honderdste sterfdag dit jaar wordt herdacht. In de Franse variant van Leo Riemens’ Groot Operaboek, Mille et un opéra, analyseert Piotr Kaminski slechts twee opera’s van Saint-Saëns: Samson et Dalila (1877) en Henri VIII (1883). De eerste zal op 10 juli tijdens de Chorégies d’Orange worden uitgevoerd met Roberto Alagna en Marie Nicole Lemieux. Henri VIII stond gepland in de lente van 2021, in de Brusselse Munt, met Laurent Naouri in de titelrol en Olivier Py als regisseur, maar deze voorstelling werd helaas geannuleerd.

You can have any review automatically translated. Click the Google Translate button (“Vertalen”), which can be found at the top right of the page. In the Contact Page, the button is in the right column. Select your language at the upper left.

De laatste jaren is de “Franse Beethoven” (een nogal dubieuze troetelnaam bedacht door Gounod) weer in de gratie gekomen. In augustus 2020 verscheen  onder leiding van François-Xavier Roth een opname van het fantastische werk Le Timbre d’argent (877), geproduceerd door het Palazzetto Bru Zane, dat zich zo voortreffelijk inspant voor de Franse opera. En nu staat er weer een vrij onbekend werk op stapel, wederom te danken aan het onvermoeibare prachtwerk van het Palazzetto Bru Zane.

Van 11 tot 13 februari neemt het Orchestre National du Capitole de Toulouse in “La Halle aux grains” in Toulouse een werk van Saint-Saëns op onder leiding van Leo Hussain, met Mathias Vidal en Judith van Wanroij in de enige twee rollen die deze korte opera kent.

De Japanse Arlésienne
JUDITH VAN WANROIJ ©Judith van Wanroij

Het is weer een eenvoudig verhaaltje. Een jongeman met een passie voor Japan is bijzonder gesteld op zijn opiumdrankje en raakt onder invloed van deze dekselse drug totaal verkikkerd op een Aziatische schone die op de muur van zijn slaapkamer is geschilderd. Maar als hij eenmaal afgekickt is en zijn fantasieën zijn verdwenen, heeft hij nog een aardige troef achter de hand: hij bekent zijn liefde aan een echt meiske van vlees en bloed. Wij herkennen in dit werk de culturele stroming die bekend staat als het Japonisme. Aan het einde van de 19e eeuw bloeide het op in de decoratieve kunsten, de schilderkunst (James Tissot, Van Gogh), de literatuur (Pierre Loti, Madame Chrysanthemum, 1887) en de muziek (Madama Butterfly, Puccini, 1904).

Le Timbre d’Argent, Paris, 2017

Een van de eerste componisten van deze stroming is Camille Saint-Saëns. Mocht u de titel nog niet geraden hebben, dan bij dezen: La Princesse jaune (1872).

Saint Saens,  La Princesse Jaune, ouverture

Net als in L’Arlesiana van Cilea en Bizets toneelmuziek bij Alphonse Daudets L’Arlésienne, verschijnt het titelpersonage niet op het toneel, ook al is alles gericht op deze Japanse schoonheid wier charmes de held in vervoering brengen. Dat verklaart dan ook de titel van dit artikel. Maar er is nog een reden voor deze verbale scherts : het aan de kaak stellen van de potentieel verwoestende gevolgen van de schabouwelijke “cancel culture”.

Cultureel incorrect

Een opera als La Princesse jaune kan ongetwijfeld niet door de beugel bij de nobele strijders die zich met hun vrome smoelen van de “cancel culture” bedienen. De titel alleen al! Die legt openlijk de nadruk op aantrekkelijke fysieke kenmerken en huidskleur. De held droomt weg bij een lekker opiumpijpje en verlustigt zich in zijn dromen, en dat is al helemaal niet cultureel correct.

De Japanse Arlésienne
Décor pour l'Opéra Comique La princesse Jaune. 1873.

Gesitueerd in Nederland

Het wordt nog onfatsoenlijker. De twee hoofdrolspelers zijn neef en nicht… incest! Siegmund en Sieglinde 2.0 Wij zijn in shock! Als er drugs  -verdovende hasjiesj of anderszins- in het spel zijn, dan is Nederland bij uitstek geschikt om de handeling naar te verplaatsen (er zál verplaatst worden). Gebeurt ook. Zeker nooit van Femke Halsema gehoord. In de tijd van Saint-Saëns was men niet zo snel gechoqueerd en ook in de uitvoering te Rouen, in maart 2012, met Jean-François Borras, hield men het hoofd koel. Een criticus meende dat hij “een onbekende parel” had ontdekt. (Daar heb je weer zo’n ontdekker.) La Princesse jaune zal in oktober 2021 in Toulouse worden uitgevoerd, samen met zes Perzische melodieën van Saint-Saëns. Wij houden u op de hoogte.

Jean Jordy
0 0 votes
Évaluation de l'article
Jean Jordy
Jean Jordy

REVIEWER

Jean Jordy, professeur de Lettres Classiques, amateur d'opéra et de chant lyrique depuis l'enfance. Critique musical sur plusieurs sites français, il aime Mozart, Debussy, Rameau, Verdi, Britten, Debussy, et tout le spectacle vivant.

S’abonner
Notifier de
guest
5 Commentaires
le plus ancien
le plus récent le plus populaire
Inline Feedbacks
View all comments