





Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β Β “Wachet auf! Es nahet gen den Tag”
Nu ik dan mijn eerste operarolletjeΒ als Lehrbube in the pocket had, pa bekomen was van de voor hem ongelofelijke constatering dat ik echt 5,500 gulden zou gaan verdienen in slechts 3 maanden tijd en DNO ook nog de reiskosten per trein zou gaan betalen, Β gingβs auf nachΒ Amsterdam. Dit betekende dat ik elke ochtend om 5 uur opstond om de trein te nemen, die toen nog stipt op tijd Β Β Β Β reed, om dan βs avonds doodmoe rond 22.00u in mijn Kerkraadse bed te rollen.
De muzikale repetities vonden plaats met koorleider Johannes Mikkelsen, een neurotische Deen met een geweldig gevoel voor humor en soms ook woede-uitbarstingen inclusief stampvoet-tantrums, maar die vonden plaats in het kantoortje van de geweldige koorinspecteur Joep Winters (van origine een Limburger uit Sittard, dus dat schiep een band).
Nadat ik na twee weken, en doodmoe, eens voorzichtigjes mijn treinkaartjes naar Joep bracht zodat ze βverzilverdβ konden worden, was hij stomverbaasd: βHuh? Jij reist elke dag op en neer, hoe lang denk je dat vol te houden?β Ik liep inderdaad al op mijn tandvlees en Joep regelde dat ik tijdens de rest van de periode kon logeren bijΒ knotsgekke, flamboyante Joyce,Β die ook Lehrbube was en tevens in het vaste koor zat. Ik hoefde alleen maar een kleine bijdrage te betalen voor de boodschappen, Joyce vond het als Bermudaanse heel gezellig om iemand in huis te hebben die ook zo nu en dan op haar kinderen kon passen; ze kookte geweldig, inclusief exotische lunchpakketten met boterhammen belegd met guacamole (ik had voordien nog nooit een avocado gegeten).

Der Tag nahete gen dus minder vroeg en na een aantal muzikale repetities begonnen de regierepetities, eerst inΒ de Cinetone Filmstudio’s en later dan in het magische CarrΓ© met op toneel echte bomen, gras en struiken en dus ook echte insekten. Het was immers summer in the city. De regisseur was Elijah Moshinsky, een aardige man dieΒ lachte als een mekkerende geit, een lach die om de haverklap te horen was.
MetΒ dirigent Edo de Waart hadden we verder niet zo heel veel herum zu prΓΌgeln want hij had de handen vol aan de βechteβ solisten en het orkest. Met onze bloemenkransjes, das Blumenkraenzlein aus Seiden fein, dansten we over over het toneel van CarrΓ©. Helaas wel in dikke badstoffen pofbroeken en dikke vilten legerjassen uit het jaar Pruis. Menig peentje werd gezweet, maar… Γ‘lles voor die heilβge deutsche Kunst van Wagners Meistersinger.






Cheweldig Corinne! Het wordt steeds leuker.
Ik zie het weer allemaal voor me. Erg levendig!
Wat Bernadette zegt, je moet er veel voor over hebben. Toch valt dit nog mee, in vergelijking met die pruikenellende (lijkt mij).
Het ergste moet nog komen ( Schopenhauer π ).
ik ben benieuwd!!
Anders ik wel!
Wat je niet over moet hebben voor je vak. Geweldig!
Oh maar dit was nog maar het begin. π
Wat schrijft ze weer heerlijk, deze dame is een echte aanwinst , dank je Corinne
Wat lief. Dankjewel Jan .