Naast een aantal “grote” opera’s in de Trinkhalle presenteert Rossini in Wildbad ook steeds enkele concerten en/of kleinere werken in het Kurtheater, een klein theater (zo’n 150 plaatsen) in het kuurpark dat enkele decennia in verval geraakte en zowat vijftien jaar geleden gerenoveerd werd. Op die manier krijgen ook jongere zangers de mogelijkheid om toneelervaring op te doen. Opvallend dit jaar was de bezettingsgraad: waar het in voorgaande jaren vaak moeilijk was om, gezien het geringe aantal beschikbare stoelen, aan kaartjes te geraken, werd nu voor een 30 tot 40% lege zaal gespeeld. Het zelfde deed zich trouwens voor bij de voorstellingen van Romilda e Costanza en Matilde di Shabran in de Trinkhalle. We kunnen ons zo inbeelden dat de festivalleiding zich stilaan zorgen begint te maken vermits dit een trend is van de laatste jaren die zich verder lijkt door te zetten.

L’accademia di musica is een van de vele farsi gecomponeerd door Johann Simon Mayr, de leermeester van Donizetti. Het verhaal toont veel gelijkenis met dat van Don Pasquale waarbij een oude grijsaard in zijn zoektocht naar een groen blaadje in de val gelokt wordt door zijn zoon en diens door de grijsaard ongewenste echtgenote. Dat alles eindigt dan uiteindelijk in een salonconcert waar elk van de solisten een aria naar keuze kan voordragen.

Maar ook tijdens de opera zelf worden herhaaldelijk stukjes van Mozart, Rossini en anderen geciteerd.

Mayr schreef zijn farse voor Venetië en de stad is dan ook overvloedig aanwezig in de enscenering van Lorenzo Regazzo. De decors, eenvoudig maar functioneel,  zoals steeds in Wildbad, vallen vooral op door hun soberheid en zijn uiteraard hedendaags. In deze ruimte komt een groep “jong geweld” op ons af in de vorm van een groepje enthousiaste en welklinkende solisten. Zo hoorden we de elegante Eleonora Bellocci als Annetta, de schoonheid waar het allemaal om draait. Haar stem is zeker goed gevormd en technisch klinkt alles goed, alleen is het timbre wat metalig voor dit repertoire. De aria van de koningin van de nacht aan het einde van de opera lijkt haar beter te liggen. Ricardo Seguel bezit de vis comica van een echte buffo als knecht Cecchino. César Cortés is de elegante minnaar Valerio en Maria del Mar Humanes het pittige dienstmeisje Vespina.

De rolbezetting wordt vervolledigd met enkele ervaren zangers: Filippo Morace gaat al jaren mee als buffo in opera’s van Rossini en Donizetti. Filippo Pina Castiglione was dan weer onvergetelijk in zijn versie van Il maestro di capella van Cimarosa en als travestiet.

L'Accademia
Filippo Pina Castiglioni (Momoletto) (Foto: Patrick Pfeiffer)
L'Accademia
Maria del Mar Humanes (Vespina), Ricardo Seguel (Cecchino) & Eleonora Bellocci (Annetta) (Foto: Patrick Pfeiffer)
L'Accademia
Maria del Mar Humanes (Vespina), Ricardo Seguel (Cecchino), Filippo Morace (Guglielmo) & Eleonora Bellocci (Annetta) (Foto: Patrick Pfeiffer)

Alles bij elkaar een genietbare voorstelling. We hadden alleen gehoopt dat in het concert aan het einde van de voorstelling wat rariteiten aan bod zouden komen. Helaas bleven de “vrije” nummers beperkt tot Il barbiere di Sevigla, La cenerentola en andere Schlagers. Bovendien vonden we het bizar dat deze aria’s begeleid werden aan de piano terwijl er een orkest aanwezig was in de orkestbak.

Het geheel werd met veel aandacht voor details begeleid door het Passionart orkest onder de leiding van Janusz Wierzgacz.

Hugo Delava (gepubliceerd 23/7/2019)

Opera Gazet
Hugo Delava
Hugo Delava

Reviewer

Favourite composers: Bellini, Braunfels, Donizetti, Mercadante, Meyerbeer, Rossini and Schreker. "Tenor-minded": Michael Spyres, Andreas Schager, Rockwell Blake.

Reageer op dit artikel

avatar
  Subscribe  
Abonneren op