De Opera van Zürich heeft de prachtige productie van Gaetano Donizetti’s LElisir d’Amore uit 1995 hernomen, nadat deze de afgelopen jaren ook al in La Scala in Milaan te zien was. Regisseur Asagaroff, ooit assistent van de legendarische Jean-Pierre Ponnelle, heeft met deze tijdloze en betoverende productie schitterend werk geleverd.

You can have any review automatically translated. Click the Google Translate button (“Vertalen”), which can be found at the top right of the page. In the Contact Page, the button is in the right column. Select your language at the upper left.

 

L’elisir d’Amore. Melodramma in twee akten van Gaetano Donizetti (1797-1848). Libretto van Felice Romani. Zürcher Covid-Fassung 2020/21 zonder Koor. Bezochte Voorstelling: 25. Oktober 2020.

Notice: Undefined variable: ssr_html in /var/www/html/wp-content/plugins/shortcode-star-rating-master/shortcode-star-rating.php on line 208

Notice: Undefined variable: ssr_html in /var/www/html/wp-content/plugins/shortcode-star-rating-master/shortcode-star-rating.php on line 208
Nemorino: Mauro Peter
Dulcamara: Erwin Schrott
Giannetta: Erica Petrocelli
Begeleider van Dulcamara: Jan Pezzali

De Italiaanse karikaturist en schilder Tullio Pericoli heeft een toneelbeeld ontworpen dat uniek is in al zijn fantasierijke veelkleurigheid. Verheugend dat het programmaboekje een hele pagina aan het werk van deze kunstenaar wijdt!  De bomen, het Italiaanse dorp met zijn kerk, de velden, de vruchten, de speelse kostuums brengen jong en oud in een betoverende prentenboekwereld. Grischa Asagaroff tekent de personages volledig in de traditie van de Commedia dell’Arte en Opera Buffa, de personenregie heeft tempo, maar geeft tijdens meer sentimentele, rustiger momenten de muziek de gelegenheid om te ademen. Een komische blikvanger is het wilde zwijn met zijn enorme kromme tanden, dat aan een dun touw op wielen wordt voortgetrokken en de plattelandsbevolking de stuipen op het lijf jaagt. Het wilde zwijn heeft zelfs geen medelijden met Nemorino en Adina als ze elkaar uiteindelijk aan het eind van de opera gevonden hebben. Het doek heeft al een symbolisch effect: in het midden is een geschilderde partituur te zien van waaruit de scènes, de figuren en een portret van Donizetti als wolken ten hemel zweven….

Das Opernhaus Zürich hat seine entzückende Inszenierung von Gaetano Donizettis L`Elisir d`Amore aus dem Jahre 1995 wieder aufgenommen, nachdem diese in den letzten Jahren auch an der Mailänder Scala zu sehen war. Der langjährige Spielleiter des Opernhauses und Assistent des legendären Jean-Pierre Ponnelle hat mit dieser zeitlosen und hinreissenden Produktion wirklich ganze Arbeit geleistet.
©Judith Schlosser

De huidige herneming werd opgesierd door een voortreffelijke cast, die volledig aan de hoge verwachtingen voldeed. Mauro Peter is een Nemorino zoals hij zou moeten zijn: een beetje verlegen en onhandig, maar vooral een liefdevolle brave borst. Mauro Peter zingt Nemorino met een soepele, lyrische tenor en vond de juiste hoeveelheid “traan” in zijn stem voor het beroemde “Una furtiva lagrima”, hoewel het een beetje jammer was dat hij en het orkest in het eerste couplet een beetje de weg kwijt waren.

L'Elisir d'Amore
©Judith Schlosser

Mané Galoyan was een schattige, kokette Adina, wier verliefdheid op Nemorino vanaf het begin overduidelijk was. Ze vertolkte haar rol met een heerlijk zoete, aangenaam vloeiende sopraan. Samuel Dale Johnson was een oerkomische macho-achtige Belcore met een fraaie, soepele bariton; hij stapte als een opgezwollen haan over de bühne.

L'Elisir d'Amore
© Judith Schlosser

Erwin Schrott heeft een grote ontwikkeling doorgemaakt. Met grote inzet en podiumprésence wierp hij zich op de rol van wonderdoctor Dulcamara. Hij droeg een kostuum dat perfect aansloot bij het karakter. Daarbij werd hij, net als bij eerdere uitvoeringen, begeleid door een man in een paddenstoelkostuum (“Gluck”).  Vocaal klinkt Schrott “als nieuw”, hij heeft duidelijk aan zijn techniek gewerkt met een elegant en sonoor resultaat. Zijn voorbeeldige tekstbehandeling verdient  speciale vermelding, vooral in zijn introductie-aria. Ook Erica Petrocelli (Giannetta), met haar klokklinkende heldere sopraan, verdient een compliment. In deze productie, zonder koor, stond Giannetta  iets meer in het middelpunt dan normaal het geval is.

L'Elisir d'Amore
©Judith Schlosser

“Zürcher Covid-Fassung 2020/21 zonder Koor.” Zonder koor? Ja, helaas, en dat was eigenlijk de enige serieuze kritiek op deze voorstelling. In tegenstelling tot de Zürichse Boris Godunov en Maria Stuarda had men bij Elisir het besluit genomen – om welke reden dan ook – het koor buiten spel te zetten. Dit is des te betreurenswaardiger omdat Zürich met de opstelling van het orkest en koor in de repetitieruimte, zoals bij Stuarda en Godunov, een alom geprezen anti-corona concept in handen heeft.  Bovendien kan L’Elisir d’Amore heel goed met een klein koor worden uitgevoerd. In tegenstelling tot wat gevreesd werd, waren er geen coupures; de koorpassages werden overgenomen door de solisten, vooral door Gianetta. Maar op plaatsen waar dat niet mogelijk was – zoals tijdens de aria van Dulcamara – gingen enkele fraaie vondsten uit het libretto van Felice Romani helaas verloren. De geweldige inzet van de weinige, maar voortreffelijke figuranten kon het ontbreken van het koor helaas niet compenseren. Erg jammer!

Eigenlijk had dirigent Nello Santi de leiding moeten hebben over deze kleine Elisir-reeks, maar helaas overleed Santi afgelopen februari. De jonge Nikolaus Nägele kreeg de kans zich voor te stellen aan het publiek in Zürich.  Zijn muzikale leiding heeft ons niet helemaal kunnen overtuigen. Het klonk allemaal wel erg nadrukkelijk en weinig subtiel, maar misschien lag dat wel aan de “uitzending” vanuit de repetitieruimte. De stemming van het publiek leed er niet onder; het bedolf  de solisten onder applaus. Misschien wel in het besef dat ook in Zwitserland de eerste theaters alweer moesten sluiten vanwege een massale toename van coronabesmettingen….

Marco Ziegler
26 oktober 2020

4.5 2 stemmen
Artikelbeoordeling
Marco Ziegler
Marco Ziegler

REVIEWER

Marco Ziegler, based in Zürich, went to the opera from the age of 10 and has a keen eye and ear for the developments of the last few decades. Favourite genre: Italian Opera. Favourite operas: Aida, Don Carlo and La Forza del destino.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties