Beetje bij beetje begint het operaleven zich te herpakken. Vooral in september lijkt zich in toenemende mate weer iets opera-achtigs aan te dienen, in Nederland en de rest van Europa. Integrale uitvoeringen blijven nog uitzonderingen, die zich voornamelijk in de open lucht afspelen. Een fenomeen waar wij gezien ongeplaceerde stoelen/bankdelen, de versterkte stemmen en het gemeenzame karakter van dergelijke manifestaties -een vrijbrief voor nog meer publiek geroezemoes, gekuch en luidruchtige snickers- geen groot liefhebber van zijn. Maar daspusoonluk.

You can have any review automatically translated. Click the Google Translate button (“Vertalen”), which can be found at the top right of the page. In the Contact Page, the button is in the right column. Select your language at the upper left.

 

I Puritani. Opera van Vincenzo Bellini in drie actes. 1835. Libretto van Carlo Pepoli, naar het toneelstuk Têtes rondes et cavaliers  van J.-A. F.-P. Ancelot en Jean Xavier Boniface. Eerste uitvoering in het Théâtre Italien, Parijs, op 24 januari 1835. Bijgewoonde première: Oper Frankfurt, 3 september 2020. Verkorte uitvoering: ruim 2 uur zonder pauze.
Elvira (sopraan): Brenda Rae
Lord Arturo Talbo (tenor): Francesco Demuro
Sir Riccardo Forth (bariton): Andrzej Filonczyk
Lord Gualtiero Valton (bas): Thomas Faulkner
Sir Giorgio (bas): Kihwan Sim (bekijken!)
Sir Bruno Roberton (tenor): Tianji Lin
Enrichetta di Francia (mezzo): Karolina Makuła
Chor der Oper Frankfurt
Frankfurter Opern- und Museumsorchester
Dirigent: Oksana Lyniv
Koorleiding: Tilman Michael
Naar de regie (2018) van: Vincent Boussard
Regisseur herneming: Caterina Panti Liberovici
Muziek:
Regie:

In grote lijnen zijn de door corona geamputeerde opera-intenties te verdelen in indikking en fantasieproducties.

De fantasieproducties doen een greep in de componistengrabbelton.  FAUST [working title] van De Nationale Opera en 7 DEATHS OF MARIA CALLAS bij de Bayerische Staatsoper zijn dergelijke voorstellingen (Callas trad bij ons weten nooit op in München, is dit zoete wraak?). FAUST [working title] is, hoe kan het ook anders… actueel! Zelfs “actueler dan ooit”. De toelichtingen van DNO behoren, naast die van Spanga, tot mijn favoriete online operalectuur, en wij zouden geen knip voor de neus waard zijn als wij onze lezers niet nu vast van een fragment zouden laten meegenieten. Stoelriemen vast, daar gaan we: “De menselijke drang naar kennis, maar ook de grenzen ervan, staan bij Faust centraal. In deze verwarde tijden, waarin de wetenschap tegelijk antwoorden wil geven en twijfels doet rijzen, is deze thematiek actueler dan ooit.” De menselijke drang naar kennis, in verwarde tijden, thematiek (!) actueler dan ooit, zo intelligent samengebald in één zin, die weliswaar niets betekent, maar toch! Over FAUST [working title] leest u later deze week in Opera Gazet.

I Puritani
Brenda Rae (Elvira) en Kihwan Sim (Sir Giorgio; als schaduw) ©Barbara Aumüller

Oudtijds heten een stukkie van de ene componist, gevolgd door een stukkie van de andere componist, een spectacle coupé. Het spectacle coupé was (en is) een programma dat was samengesteld uit verschillende actes en/of aria’s uit verschillende werken en gepresenteerd in één voorstelling, zonder enige poging om ze te verenigen. Let u vooral op dat bevrijdende “zonder enige poging om ze te verenigen” !  In 1981, aan de ruime vooravond van de daarop volgende rampjaren aan de Amstel, werd er door Studio Ensemble Nederlandse Opera Stichting zo’n spectacle coupé georganiseerd. In Grand Hotel Krasnapolsky, waar fragmenten uit Die lustige Witwe, Il barbiere di Siviglia, La forza del destino en Carmen ten gehore werden gebracht, gelardeerd met Paolo Tosti’s “Non t’amo piu”. De thematiek was destijds: een genoeglijke avond beleven. Een schande die vergelijkbaar is met ons koloniaal verleden.

Een ander door corona opgewekt coronaverschijnsel is de ingedikte opera. Drie uur opera terugbrengen tot één uur, zodat er geen kiem gelegd kan worden voor corona-gerelateerde besmettingsrampen tijdens de pauzes; denk aan bronnen van infecties als de rijen voor het damestoilet. Ter zijde: een van duidelijkste tekenen van de Untergang des Abendlandes is wel de  steeds maar toenemende schabouwelijke gewoonte van dames die zich onbeschaamd in het herentoilet, ons laatste bastion, vervoegen. Heel naar.

Zo’n 1-uurs opera is natuurlijk een gruwel voor de operasnob uit Amsterdam Chique Zuid (abonnement op de donderdagavondserie in het Concertgebouw), die voor 300 euro een gesigneerde foto van Callas in “de hal” heeft hangen, gescoord op Marktplaats. Laat ons u, vrienden, vertellen: zo erg is het allemaal niet. In veel opera’s kan met een gerust hart geschrapt worden (natuurlijk NIET de mars in Nabucco!). Er zijn opera’s die eenvoudigweg te lang duren, en vooral aan het eind compleet inzakken, zoals Carmen en Fausts Gounod, of die sowieso slaapverwekkend lang zijn, zoals Rossini’s Guillaume Tell. Merkwaardigerwijs onttrekt de meester van de lange adem, Wagner, zich aan dit verschijnsel, maar over deze paradox wisselen wij graag later eens met u van gedachten.

I Puritani
Francesco Demuro (Lord Arturo Talbo) und Evie Poaros (Eine Frau) ©Barbara Aumüller

Nu denken wij bij opera’s die probleemloos ingekort kunnen worden niet meteen aan I Puritani. Al was het maar uit respect voor Cristina Deutekom. Maar waar wij wel en niet aan denken wordt steeds minder een relevante overweging voor de Europese operahuizen. No hard feelings.

I Puritani
©Barbara Aumueller

De opera in Frankfurt bracht op 3 september de “Gekürzte Fassung” (première) van I Puritani, een ingekorte versie dus van hun productie uit 2018.

I Puritani heeft een waanzinsscène, een groot voordeel voor elke opera. Elvira heeft warme gevoelens voor Lord Arturo Talbot (royalist), maar haar vader, Lord Valton (anti-royalist) had Sir Riccardo Forth (anti-royalist) voor haar op het oog. Volgt allerlei niet zo interessant gedoe, dat echter wel uitmondt in een Elvira die zich in de steek gelaten voelt, en daar hebben wij hem: “Oh, vieni al tempio, fedele Arturo”, de waanzinsaria. Sir Riccardo gaat de strijd aan met Lord Arturo, die in de derde acte herenigd wordt met Elvira. Hij, royalist, wordt gevangen genomen door de anti-royalisten. Dat wordt een executie. Elvira komt tot haar zinnen. Volgt het ensemble “Credeasi, misera” (met de beruchte hoge F); zelfs de anti-royalist Riccardo is aangedaan door de twee geliefde. De royalisten zijn dan wel overwonnen, maar de anti-royalist Oliver Cromwell komt, niet wetend wat hij Europa  eeuwen later op de hals gaat halen, met een Generaal Pardon. Jazeker. De geliefden worden verenigd.

Bellini heeft maar een korte carrière gehad van 10 jaar, en bovendien heeft hij, zoals het een componist betaamt, zeer kort geleefd, van 1801 tot 1835. Tijdgenoten schreven de melancholische toon van I Puritani toe aan Bellini’s “romantische” levenswandel. Op die gedachte valt nog wel wat af te dingen: in zijn liefdesaffaires was hij meer een koelbloedige egoïst die zijn (bijna)verloofdes maar al te graag opofferde om zich in de Hoge Kringen in te vechten. Bellini was vooral op zoek naar een onderdanig meiske met een aanzienlijke bruidsschat, waardoor hij gespaard bleef voor financiële zorgen. Precies waarvan onze huidige kinderwagenpappa’s stiekem dromen, als zij zich na een uitputtende pappadag eindelijk met bier en chips op de Ikea-bank neervlijen.

I Puritani
Brenda Rae (Elvira; links in het wit) en Ensemble. ©Barbara Aumüller

Hoewel I puritani vooral berucht is om de uiterst lastige mannelijke hoofdrol (o.m. die eeuwige hoge F), wilden wij toch eerste, noblesse oblige, de vrouwelijke hoofdrol van Elvira aan ons genuanceerd oordeel onderwerpen. Elvira werd vertolkt door Brenda Rae. Elvira is een typische rol voor een lyrische coloratuursopraan die dagelijks een portie krachtvoer aan haar menu toevoegt, resulterend in de zgn. “soprano drammatico d’agilità”, die de buigzame behendigheid en het hoge register lichtjes combineert met de kenmerken van de dramatische sopraan, met overeenkomstig  rijkdom van volume. Allen: “Koningin van de Nacht!” Wij rekenen dat goed. Nu vermoed ik dat de uitstekend acterende Brenda Rae regelmatig spijbelt met het krachtvoer: coloraturen pico bello (maar enigszins wisselvallig), maar niet zo heel erg dramatisch ondersteund. Geen grote stem, en dat hoeft ook niet. De hoge tonen zijn op natuurlijke wijze prachtig. En -belangrijk!- de waanzinscène was er een van de allerhoogste plank. Dus zeer genoten van mevrouw Rae, hoewel wij ons referentiekader, Cristina Deutekom, maar moeilijk kunnen loslaten…

I Puritani
Andrzej Filończyk (Sir Riccardo Forth) en Brenda Rae (Elvira). ©Barbara Aumüller

Francesco Demuro is geen Osborn, Brownlee, Camarena of Flórez. Een wat bescheidener volume stond hem niet in de weg om een bijna onberispelijke, elegante Arturo ten tonele te voeren. Belcanto pur sang. Hij trad de angstaanjagende, duizelingwekkende hoge noten in “Credeasi misera” en “Ella è tremante” onvervaard en met succes tegemoet. Uiteraard begon deze zware rol, die er juist aan het eind niet eenvoudiger op wordt, zijn tol te eisen. Maar Demuro sloeg zich dapper door alle torenhoge noten heen.

De overige rollen waren eveneens een groot genoegen, waarbij vooral Lord Gualtiero Walton van Thomas Faulkner, met zijn brede, volle stem, een dikke pluim verdient. De rol van Enrichetta of France was in handen van de goede mezzo Karolina Makuła. Speciale vermelding: Kihwan Sim, een ontroerend fraaie bariton en een schitterende, elegante acteur. Bijzonder van de heer Sim genoten, wat een ijzersterke operapersoonlijkheid!

De regie van Vincent Boussard (herneming: Caterina Panti Liberovici) was plezierig, misschien soms wat saai, maar adequaat. Er waren veel hoge hoeden, en dat is, zoals algemeen bekend, een goed teken voor elke regie. Daar wilden we het deze keer bij laten.

Dirigent Oksana Lyniv is de betrouwbare klasbak die wij in deze opera willen zien. Ze zette het orkest lekker vet aan zo af en toe. Ook het koor was prima voorbereid. Men zong door de mondkapjes heen, en in het programmaboekje was een inlegvel bijgevoegd waarin meegedeeld werd dat deze mondkapjes GEEN onderdeel waren van de regie; een niet-overbodige mededeling in Duitsland.

 

Genoeglijkheid alom

Een uitermate genoeglijke avond waarvan wij dankzij de ingeblikte lengte ten volle en gevarieerd konden genieten. In alle rust begaven wij ons naar restaurant Kanonesteppel om van een Schnitzel mit grüner Soße (saus ernaast uiteraard) te genieten.     Ah, per sempre… Bel sogno beato !

Olivier Keegel
(07-09-2020)

 

We like to get in touch with our readers. Comments and remarks are most welcome! (See below.)

0 0 stem
Artikelbeoordeling
Olivier Keegel
Olivier Keegel

CHIEF EDITOR AND REVIEWER

Bellini, Donizetti. Tito Schipa, Fritz Wunderlich, Ileana Cotrubas. Stefano Mazzonis di Pralafera, Laurence Dale. Certified unmasker of directors’ humbug.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
4 Reacties
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
A. Minis
A. Minis
24 dagen geleden

Opera’s van Verdi zijn altijd precies zo lang en zo kort als ze moeten zijn. Verdi had een onfeilbaar gevoel voor dramatische timing (als ik het zo zeggen mag). En de mars uit Nabucco schrappen omdat die te simpel zou zijn (!!!) is helemaal het toppunt. Verder ben ik het wel met u eens, maar ik ben benieuwd naar uw verhaal over Wagner. Die opera’s zijn nu juist naar mijn smaak soms te wijdlopig en zouden opknappen van een coupure zo hier en daar. Cristina Deutekom is een fenomeen. Odabella zou na haar vertolking eigenlijk niet meer door iemand anders… Lees verder »

Willem
Willem
23 dagen geleden
Antwoord aan  Olivier Keegel

Gezien de lengte, dient de toilet wel om de hoek te zijn! Wagner laat ik toch maar voorbij gaan.

Willem
Willem
23 dagen geleden

Al weer Schnitzel! Toch zeker van het Kalf of die groter is dan je bord (varken). 🎼🌷🌷🌷🌷🎼