“I am an alcoholic”

Over David McVicar. Maar eerst dit: op de website van Anonieme Alcoholisten staat in hun mission dat men mensen helpt “bij het herstel van hun alcoholisme”. Alsof je naar het brandwondencentrum gaat om te leren hoe je losjes met de barbecue kunt omgaan.. Zelf kennen wij geen anonieme alcoholisten; wij kennen ze allemaal bij naam. De AA-bijeenkomsten (wij willen er alleen dood gevonden worden) zijn ons vooral bekend uit Amerikaanse films. Heel griezelige bijeenkomsten. Joseh MacQuoid uit Albuquerque heeft in 1979 twee biertjes te veel gedronken, daarna nooit meer een druppel aangeraakt, maar moet zich in de groep nog steeds voorstellen als: “I am Joseph Macqoid, I AM AN ALCOHOLIC”. Allen: “Hello, Joseph”.  (Teiltje!)

Alsof zo’n tafereel je niet onmiddellijk naar de tequila doet grijpen!

You can have any review automatically translated. Click the Google Translate button (“Vertalen”), which can be found at the top right of the page. In the Contact Page, the button is in the right column. Select your language at the upper left.

 

De Blauwe Knoop, de AA, “Alcohol maakt meer kapot dan je lief is” (quod non), het zijn vormen van de georganiseerde afgunst ten opzichte van mensen die enig plezier in het leven willen scheppen. Al sinds de dagen van Jacobus Jan Vorrink wil men De Hardwerkende Arbeider zijn bitteruur ontzeggen!

Veel kleffer wordt het nog als een AA’er voor de drankduivel bezweken is en te biecht moet in “de groep”. Dan doet hij schuldbewust zijn verhaal (rumbonen genuttigd bij de buurvrouw), waarna “de groep” zich massaal op hem stort met “hugs”. Nog zoiets vreselijks: “thank you for sharing this with us, Kevin”.

En dan krijgt een onschuldige vleermuis de schuld van Corona!

Het terugvallen op oude alcoholische gezelligheidsgewoonten heet in populair Amerikaans ”to fall off the wagon”. Heel merkwaardige beeldspraak, want juist als je er vanaf VALT, is er aanleiding voor een vermoeden van alcoholmisbruik.

Deze gedachten aan de wijnstok welden in ons denkraam op toen de volgende Hupsafladderloze Regisseur op de redactie ter sprake kwam: David McVicar. Koortsachtig overleg en pittige meningsverschillen werden per video conference uitgewisseld tussen onze recensenten in Zürich, Amsterdam, Milaan en Parijs. Waar de een zich hard maakte voor de toekenning aan McVicar van de felbegeerde titel “Hupsafladderloze Regisseur”, daar had de ander sterke, moeilijk te ontkennen bezwaren: McVicar fell off the wagon  just al little bit too often.

Wij kwamen tot een prachtig compromis, en wel dankzij Schubert. Een van onze videoconfererenden stapte weg uit beeld, en legde Schuberts Impromptu in as klein, Op. 90 No.4 op de draaitafel. Begint in mineur, maar eindigt in majeur. Wij begrepen de hint: eerst McVicars mindere producties even doornemen en besluiten met een kleine, willekeurige selectie uit zijn talrijke prachtregies. U constateert na lezing van dit artikel verontwaardigd: “Maar jullie hebben die en die opera niet besproken!” Eligere necesse est (kiezen [bij het publiceren] is noodzakelijk] schreef Caesar in het voorwoord van zijn spannende -een jongensboek gelijk- De Bello Gallico.

I Masnadieri

Een van de mindere regies van McVicar is bijvoorbeeld I Masnadieri (zie filmpje hierboven in het seizoen 18/19 in de Scala. De Verdi-opera is ontleend aan Die Räuber van Friedrich von Schiller. Een opera vol inconsistenties in het uitbundige libretto. Who cares, zouden wij zeggen.

Van McVicar zijn we gewend  dat hij het libretto respecteert, maar in zijn versie van I Masnadieri (verplaatst (!) naar de 18e eeuw) zien we een kazerne die ontmanteld wordt naarmate het drama zich ontvouwt. Edoch, daar gaat de opera niet over. Minpuntje dus. Ook het toevoegen van een libretto-externe figuur (Schiller die de actie overziet)  is een schabouwelijk hupsafladdercliché, dat ons al duizend maal door de strot is geduwd. Groot minpunt. De handelingen zijn niet conform het libretto maar worden in een conceptueel keurslijf gegoten. Minpunt. Een deel van het podium is gereserveerd voor een groep mimespelers, verkleed als Captain Hook, en voeren onverklaarbare choreografieën (kort te zien op de trailer) uit. De heer McVicar kan ons niet wijsmaken dat hij dat niet beter kan.

McVicar
David McVicar (© The Times)

McVicar viel wel vaker off the wagon. Neem de 20 jaar oude productie  Agrippina, onlangs in de MET te zien. De ruimhartige zeden en de verfrissende recht-door-zee machtspolitiek der Romeinen, werd…… verplaatst…… naar….. De Moderne Tijd! En er is een…… RAAMVERTELLING! “Of course, the political world is, if anything, even crazier, and in some ways closer to the brutal politics of ancient Rome, than it actually was 20 years ago,” zei McVicar. Is de heer McVicar politiek commentator?

In de New York Times schreef een lezer: Such a shame the Met has decided that the audience wants to relive its current sleazy history rather than be taken back to ancient history.  (…) That’s not the reason I go to the opera.  Take me to a different time and place.” Voortreffelijk geformuleerd. Zeer to-the-point, deze onbetamelijke gedachte die men in Nederland maar beter voor zich kan houden. Dissidente geluiden komen de “contacten in de operawereld niet ten goede”.

Hoog tijd om de aandacht te verplaatsen naar de prettiger producties van Sir McVicar, die in het algemeen toch te prijzen valt omdat hij de opera’s niet, zoals veel van zijn collega’s, met de sloophamer te lijf gaat. McVicar heeft verklaard dat hij niet langer werk in Duitsland zal accepteren, waar, aldus McVicar, “de productiestijl nu zo navelstaarderig en zo extreem is, dat het publiek al een kwart eeuw wordt buitengesloten”. Begrijpelijk dat Nederland hetzelfde lot ondergaat: een regisseur van zijn statuur (laat staan hemzelf) hebben wij bij De Nationale Opera nog niet mogen verwelkomen. Wel zette DNO zich op de wereldkaart met de door Lotte de Beer (grote fan!) geregisseerde prachtopera Waiting for Miss Monroe. (0 uitvoeringen buiten Amsterdam, bij mijn weten.)

Een van onze vele McVicar-favorieten is zijn Trovatore. De duistere sfeer van Il Trovatore werd zelden beter weergegeven. Het “verwarrende libretto” (wanneer houden we daar eens over op?)  is snel vergeten wanneer de toeschouwers worden geconfronteerd met deze boeiende, sombere productie:  burgeroorlog, familiale ontwrichting, en dat soort genoeglijke narigheid.

Roberto Devereux is een ander meesterwerk van McVicar. Un petit bémol is wel zijn beslissing om deze opera “in een theater” (bekend hupsafladdercliché) te plaatsen, maar heel problematisch wordt die ingreep niet. De set is gebaseerd op eenvoud en intimiteit, en is uitermate boeiend.  De slotscène waarin Elizabeth haar pruik afzet, is legendarisch.

Tot slot. Uit de rubriek faits divers. Voor de Weense Falstaff eiste Zubin Mehta dat McVicar de regie op zich zou nemen. Mehta wilde op zijn gevorderde leeftijd nu eindelijk wel eens met een kei van een regisseur werken die zowel Verdi als het libretto respecteerde.

Olivier Keegel
19-05-2020

0 0 vote
Artikelbeoordeling
Olivier Keegel
Olivier Keegel

CHIEF EDITOR AND REVIEWER

Bellini, Donizetti. Tito Schipa, Fritz Wunderlich, Ileana Cotrubas. Stefano Mazzonis di Pralafera, Laurence Dale. Certified unmasker of directors’ humbug.

Abonneer
Abonneren op
guest
1 Reactie
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline Feedbacks
Bekijk alle reacties
Corinne Romijn
Corinne Romijn
1 maand geleden

Dank voor deze heerlijke beschouwing. Nu al zin in een wijntje .