La Dame blanche – een pareltje

LA DAME BLANCHE. In deze tijden van onze gezamenlijke strijd tegen De Grote Sprinkhanenplaag houden wij het dagelijks leven graag zo overzichtelijk mogelijk. En anders wordt het wel voor ons gedaan, zie het ons van hogerhand opgelegde onderscheid tussen essentiële en niet-essentiële nering. Wij voerden hier kortgeleden nog een interessant gesprek over met onze slijter, die zich met goede redenen als “essentieel neringdoende” wenste te profileren. Dringt zich de vraag op: is opera essentiële nering?  

You can have any review automatically translated. Click the Google Translate button (“Vertalen”), which can be found at the top right of the page. In the Contact Page, the button is in the right column. Select your language at the upper left.

 

La Dame blanche, opéra comique in drie aktes van Adrien Boieldieu. Libretto van Eugène Scribe, naar Sir Walter Scott’s Guy Mannering, The Monastery en The Abbot. Voor het eerst uitgevoerd door de Opéra-Comique in de Salle Feydeau, Parijs, op 10 december 1825. Gerecenseerde uitvoering: stream van Opéra de Rennes. (Première: 11 december 2020.)

Georges: Sahy Ratiananaivo (tenor)
Dikson: Fabien Hyon (tenor)
Jenny: Sandrine Buendia (mezzo-sopraan)
Gaveston: Yannis François (bas)
Anna : Caroline Jestaedt (sopraan)
Marguerite: Majdouline Zerari (mezzo-sopraan)
Mac-Irton: Ronan Airault (bas)

Orkest: Orchestre Les Siècles
Koor: Chœur Le Cortège d’Orphée

Dirigent: Nicolas Simon
Regie: Louise Vignaud

 

Muziek: *3,5*
Regie:  *1,5*

Operabokken en operaschapen

Naast het traditionele onderscheid naar genre kunnen opera’s ook ingedeeld worden naar andere, meer mensgerichte kenmerken. Wij reiken u er enkele aan. Opdat wij in majeur kunnen eindigen, stellen wij u als eerste categorie de mislukte opera voor: denk aan Waiting for Miss Monroe van componist Robin de Raaff , La Bohème in regie van Pierre Audi en alle Verdi-producties van DNO. De interessante opera duurt meestal te lang, maar is niet zelden “heel bijzonder” (gebruik altijd de frase “heel bijzonder”), denk aan Wagner en Meyerbeer en probeer bij het horen van de laatste naam niet weg te dommelen. Vervolgens komen wij aan bij de mooie opera, u zegt: Verdi, Puccini e tutti quanti, en wij zeggen u dat volgaarne na. Ten slotte bereiken wij de top van Olympus en vinden er een kleinood van onschatbare waarde te ontdekken: de lekkere opera. U raadt het al: Donizetti en Bellini, onontkoombaar ! Maar niet beperkt tot!

La Dame blanche

Vandaag laten wij een opera de revue passeren die ondubbelzinnig aanspraak maakt op het predicaat “lekker”. De opera La Dame blanche van Boieldieu is ruim 2 uur puur operaplezier, vol met tophits,  zoals Brown’s introductie-aria en Jenny’s ballade (zie verder). Het ensemble tijdens de veilingscène   is volstrekt uniek en de talrijke Schotse volksmelodieën   stemmen tot innige vreugde. La Dame blanche wordt zelden uitgevoerd, maar komt nog wel eens voor in een recital met de tenor-aria “Viens, gentille dame”, HIER  gezongen door Michael Spyres.

La Dame blanche van François-Adrien Boieldieu (1775-1834)  was uitzonderlijk populair in het Frankrijk van de 19de eeuw. De exotische Schotse locatie, een verloren erfgenaam, een verborgen fortuin, een mysterieus kasteel en een spook van goede wil zijn natuurlijk typisch romantische elementen die het toentertijd goed deden. Met La Dame blanche loopt Boieldieu vooruit op het fantastische in de opera, zoals we dat kennen in Robert le diable van Meyerbeer en Faust van Gounod. De muzikale stijl is duidelijk van invloed geweest op andere lekkere opera’s zoals Lucia di Lammermoor en I puritani.

 

Schotland, begin 18e eeuw

Graaf en gravin Avenel zijn beiden in ballingschap gestorven en hebben hun kasteel en landgoed aan rentmeester Gaveston nagelaten. Dickson, pachtboer op het landgoed, en zijn echtgenote Jenny staan op het punt de doop van hun zoontje te vieren en vragen een jeugdige officier in het Engelse leger, Georges Brown, om peetvader te zijn. Jenny zingt de ballade van La Dame blanche (Acte I Scène 5, “D’ici voyez ce beau domaine”, op 33:50 in de stream), beschermgeest van de Avenels die Dickson naar het kasteel roept.

Brown biedt aan om in zijn plaats te gaan. In het kasteel ontmoeten Anna, weeskind van de Avenels en vermomd als La Dame blanche, en Brown elkaar. Anna herkent Brown als de gewonde soldaat die ze ooit had verzorgd en die haar doet denken aan de verloren gewaande Avenel-erfgenaam. Op een veiling wordt Gaveston overboden door Brown, die een in brede kring levend probleem heeft, namelijk geen geld. Maar zie daar, de witte dame komt met de noodzakelijke fondsen op de proppen. En Brown? Die blijkt, o wonder, wel degelijk de Avenel-erfgenaam te zijn en wordt verenigd met Anna.

Veterinaire invulling

Ook in Rennes kon men het niet laten om met hun fikken van de opera af te blijven. Men oordeelde dat de opera as is ongeschikt was voor “een hedendaags publiek” (een versie van Mensen van Nu). Er moest herschreven worden, want wij, het domme operavolk, zijn niet in staat een 19e-eeuwse opera op haar waarde te schatten. De protagonisten werden veterinair ingevuld als fabeldieren (?) en zelfs de dirigent werd in een idioot pak gehesen (zie stream). Aan de andere kant speelde het orkest Les Siècles op historische instrumenten. Dat dan weer wel. Over het orkest trouwens niets te klagen, het speelde genuanceerd, vol warme klankkleuren.

We hadden weer eens een gevalletje “toneelregisseur-bezondigt-zich-aan-opera”: regisseuse Louise Vignaud was de mieghummel van dienst. Zij bewees wederom het gelijk van Piotr Beczala: “A lot of the modern directors I’ve worked with say opera is dead and they have to save her from herself and bring her back to life. It’s completely mad, as if a woman is just walking down the street, minding her own business, and two guys drag her to the floor to give her artificial respiration – but she doesn’t need it.”

Er werd gelukkig wel redelijk tot goed gezongen. De Jenny van Sandrine Buendia was zangacrobatisch onberispelijk en Fabien Hyon betoonde zich met zijn fraai geprojecteerde tenor een energieke Dikson. De rol van Georges is een lastige, Sahy Ratiananaivo (in 2019 een voortreffelijke Nemorino in Avignon) maakte er vocaal iets prachtigs van, net als zijn podiumrivaal Yannis François (bas) in de rol van Gaveston. De Marguerite van Majdouline Zerari miste overtuigingskracht. Haar aria uit de tweede akte, “Pauvre dame Marguerite” (stream 56:20) was wat magertjes. Dat deed Sophia van Sante in 1964 beter! (Op cd uitgebracht in 2002. Met o.m. Nikolai Gedda, Mimi Aarden, Sophia van Sante, Guus Hoekman, Erna Spoorenberg en Franz Vroons.) De witte dame van Caroline Jestaedt (La Dame blanche/Anna) viel ons ook tegen, eigenlijk om dezelfde reden: weinig kracht, weinig fundament.

La Dame blanche is een pareltje aan het operafirmament, dat helaas ook niet ontkomen is aan een volkomen dwaze regie.

Olivier Keegel
16-12-2020

 


Het is de bedoeling dat deze La Dame blanche volgend jaar niet alleen in Rennes zelf te zien zal zijn, maar ook op tournee gaat naar o.a. Duinkerken, Besançon, Compiègne en Tourcoing. U hoeft niet zo lang te wachten, want HIER kunt u de gehele opera zelf zien.

 

We like to get in touch with our readers. Please add a comment under this article and/or rate the article with 1 to 5 stars. Scroll down.

5 2 votes
Article Rating
Olivier Keegel

CHIEF EDITOR AND REVIEWER

Chief Editor since 2019. Does not need much more than Verdi, Bellini and Donizetti. Wishes to resuscitate Tito Schipa and Fritz Wunderlich. Certified unmasker of directors' humbug.

Subscribe
Notify of
guest
1 Comment
Oldest
Newest Most Voted
Inline Feedbacks
View all comments
Ad Middendorp
Ad Middendorp
5 months ago

Kon ik het eerst alleen als een smakelijke nagerecht, blijkt het eveneens een lekkere opera te zijn. Voorwaar een kwalificatie waar ik me geheel in kan vinden. De Schotse volksmelodieën kunnen mij wel bekoren bekoren zoals volksmuziek dat in z’n algemeen doet. Ja lekker, laten we het daar maar op houden.