Così fan tutte is een opera buffa in twee bedrijven van Wolfgang Amadeus Mozart, voor het eerst uitgevoerd op 26 januari 1790 in het Burgtheater in Wenen. Het libretto werd geschreven door Lorenzo Da Ponte die ook Le nozze di Figaro en Don Giovanni schreef. Bijgewoonde voorstelling: De Nederlandse Opera, Muziektheater, Amsterdam, 3 oktober 2019.

Fiordiligi: Anett Fritsch
Dorabella: Angela Brower
Despina: Sophia Burgos
Guglielmo: Davide Luciano
Ferrando: Sebastian Kohlhepp
Don Alfonso: Thomas Oliemans

Muzikale leiding: Ivor Bolton
Regie: Jossi Wieler, Sergio Morabito
Orkest: Nederlands Kamerorkest
Koor: Koor van De Nationale Opera

 

Muziek:
Regie:

Na Indië zijn wij, zoals u weet, recentelijk ook de Gouden Eeuw kwijtgeraakt. De voorspoed die de in 1602 opgerichte, fascistoïde VOC ons bracht, kwam uitsluitend ten goede aan destijds nog niet zo erg oud wordende, witte mannen. Via de taal kunnen wij veel goed maken wat misging.  Een schilderij van Rembrandt, waarop twee negers worden afgebeeld, heette lang ‘Twee negers’, later ‘Twee moren’ en nu heet het ‘Twee Afrikaanse mannen’. All well that ends well. Maar moet de tegenspoed die witte mannen in de 17e eeuw trof, niet ook linguïstisch gezuiverd worden? Kent u het zgn. Rampjaar nog?  U weet wel: “het volk redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos”. De Hollandse witte mannen werden aangevallen door Engeland, Frankrijk en de bisdommen Münster en Keulen. Er brak paniek en chaos uit: scholen, banken en winkels gingen dicht en de witte, de niet-inclusieve uitbuiters J. en C. de Witt werden gevild, opengereten en gecastreerd, en vervolgens opgehangen aan de wipgalg.  Tenen, oren, neuzen, lippen en nog zo het een en ander werden afgesneden. Niet-inclusief boontje komt om zijn loontje, ik voorspel het woord Rampjaar geen lange toekomst meer.

Het andere Rampjaar

Voor de naam “Rampjaar” zie ik een veel zonniger toekomst tegemoet als wij ermee verwijzen naar het jaar 2003.  Het jaar waarin DNO ons opscheepte met een debacle van ongekende proporties: de Da Ponte Trilogie, gevild, opengereten en gecastreerd door het Black & Decker duo in operaland, de heren Wieler & Morabito.

Wat doen wij het liefst met schabouwelijke mislukkingen? Herhalen natuurlijk. Wij van WC Eend adviseren WC Eend!  Alsof het wrak van de Titanic naar een obscure werf in WInschoterdiep wordt gesleept: “We lassen het hier en hier gewoon effe dicht en hij vaart weer als een zonnetje, meneer.” Van de drie Da Ponte opera’s Le nozze di Figaro, Così fan tutte & Don Giovanni, werd de eerste al eens hernomen in 2010, en Così in 2009. En nu wéér een Così. Wij achten het niet onmogelijk dat Konwitschny’s Salome nog eens van stal wordt gehaald; dan moeten wij toch ernstig aan ondercuratelestelling gaan denken.

Foto: Hans van den Bogaard

Het werd een vertrouwde DNO-avond: oren wijd open, ogen stijf dicht. Dat laatste lukt echter zelden. Over de regie zullen wij kort zijn: Così, de minst rampzalige uit de Da Ponte cyclus van 2003, is nu naar Temptation Island verplaatst en Albanese soldaten zijn padvinders geworden, waarom weet niemand, en het resultaat werkt als een open wond die in de martelkamer der regisseurs langdurig met een schuurspons is bewerkt. Toneelbeeld en teksten vormen weer eens een volstrekt belachelijke combinatie. En dat ligt niet aan Da Ponte. Bij onze collega’s van Place de l’Opera schreef “een operaleek”, voor wie deze Così zijn eerste opera was, een vermakelijk stukje over zijn ervaringen. Een kort en veelzeggend citaat:

“Voortdurend moet ik schakelen tussen oude taal, een vermoedelijk als eigentijds bedoeld ingericht decor en dito kostuums, antieke gedachten, op Griekse mythologie leunende seksuele fantasieën, moderne zonnebrillen, klassieke akkoorden. Dat alles samen moet ik begrijpen als een lijmpoging tussen een eeuwenoude muzikale kunstvorm en een piepjong publiek.”

Hoe voortreffelijk heeft de leek dit onder woorden gebracht.

Hele zit

En dan te bedenken dat Così fan tutte al een hele zit is, van 19:00h tot 23:00h. D’r komt werkelijk geen eind aan. Kwaadaardige gedachten krijgen de overhand: wanneer is dat hele gedoe (andere termen zijn denkbaar) nou eens afgelopen.

Menigeen had dat blijkbaar op tijd bedacht, want de belangstelling voor de première was matig; op de middag van de première waren er nog meer dan 150 plaatsen verkrijgbaar, nadat er al een contingent kaarten via Last Minute Shop  voor de helft van de prijs was verramsjt. Zo krikken we de bezettingsgraad wel lekker op natuurlijk.

Wedden dat…

Vermakelijk is de wijze waarop het vrij flauwe verhaal wordt opgewaardeerd tot het niveau van Mensen van Nu. Volgens DNO hebben we hier te maken met een “liefdesexperiment”.  Van Spanga-achtige proporties is ook deze quatsch: “Vier jonge geliefden moeten nog ontdekken hoe het leven in elkaar zit en waar de grenzen liggen tussen fantasie en werkelijkheid, tussen jeugd en volwassenheid.”

Laat ons u zeggen dat in deze Mozart-opera van geen “experiment” sprake is, noch dat er enig personage op ontdekkingsreis is naar “de grenzen tussen fantasie en werkelijkheid, tussen jeugd en volwassenheid”.  De opera heeft een naam, en die naam zegt opmerkelijk genoeg veel over de inhoud. “Così fan tutte” wordt wel eens lafjes vertaald met “zo doen allen”, maar de letterlijke vertaling is “zo doen alle vrouwen”. “Zo zijn de vrouwtjes nu eenmaal”, is een prettige vertaling. Het wegmoffelende gezwam moet maskeren dat het libretto op verheugende wijze in hoge mate politiek incorrect is.  Mannen onder elkaar! Geintje! “Wedden dat jullie mokkeltjes….. etc. etc.”
Het Così-verhaal moet haast wel bij iedereen bekend zijn.  Don Alfonso, een dekselse reeds bejaarde schelm, overtuigt twee jonge aristocratische soldaten om de trouw van hun geliefden te testen. Don Afonso wordt vertolkt door onze eigen Thomas Oliemans, en hoewel hij eigenlijk wat te jong is voor deze rol (vandaar uitgerust met pijp, want pijp=oud) doet hij dat voortreffelijk, totdat op het eind van de avond de vermoeidheid toeslaat, en niet alleen bij hem. Don Alfonso heeft dan wel zelf nauwelijks aria’s, maar bij het terzet vloeit Oliemans fraai in bij de dames. De Italiaanse Davide Luciano zingt met een fijne lyrische bariton de rol van de ene jongeman, Guglielmo; zijn kompaan, Ferrando, wordt vertolkt door Sebastian Kohlhepp, een warm getimbreerde, slanktonige Mozart-tenor; zijn aria “Tradito, schernito” mocht er wezen.

Foto: Hans van den Bogaard

De twee knapen vertellen hun geliefden Dorabella en Fiordiligi dat ze opgeroepen zijn om ten strijde te trekken.  Anett Fritsch zingt een zeer intense Fiordiligi en vormt met de rijke tonen strooiende Angela Brower (Dorabella) een muzikaal perfect duo. Helaas waren de lage tonen van Fritsch niet altijd even fraai.

Nu wordt het lachen. Guglielmo en Ferrando vermommen zich als Albanezen en gaan als de brandweer aan de slag om elkaars (!) verloofde te verleiden.  Don Alfonso betaalt de meid Despina om hem een handje te helpen bij het bewerken van Dorabella en Fiordiligi. Sophia Burgos (Despina) zong haar beide aria’s,  “In uomini, in soldati” en het aanstekelijke “Una donna a quindici anni” helder en delicaat, en met een voortreffelijke techniek.

Terug naar “het liefdesexperiment”: binnen 48 uur hebben de dames hun verloofden opgegeven en hebben ze hun handtekening gezet voor het huwelijk met de Albanezen. Met andere woorden: vrouwen hebben een gebrekkige moraliteit, trouw blijven zit niet in de aard van het beestje. De ontrouw van de mannen is geen ontrouw maar een middel om hun verloofdes te testen. Zie daar het “liefdesexperiment”.

“Wraakzuchtige vrouwenhaat”

Het happy end van de opera laat de mannen, hoewel ze een koekje van eigen deeg hebben gekregen, volledig in hun waarde; maar de vrouwen worden afgeschilderd als onbezonnen en naïeve bakvissen, “want zo zijn de vrouwtjes nu eenmaal”. Tel daarbij Despina, het corrupte dienstmeisje dat uit is op geldelijk gewin, en Don Alfonso, die uiteindelijk als een minzame wijze op de onbeholpen stumperds neerziet, en de conclusie is duidelijk: in Così fan tutte komen de dames er, in tegenstelling tot de heren, behoorlijk slecht af. In de NRC werd de Britse musicoloog Charles Ford geciteerd, die Così bestempelde als „wraakzuchtige vrouwenhaat, verpakt in een dun laagje bladgoud”. De Mensen van Nu zullen eraan moeten geloven….

Tegen dirigent Ivor Bolton, die het als altijd sublieme Nederlands Kamerorkest (natuurhoorns: bravi!) leidde, blijken bij sommige critici nogal wat bezwaren te bestaan. Vooral zijn keuze van tempi moet het nogal eens ontgelden; ook zouden poëtische passages er bij hem niet zo best afkomen. Naar onze mening echter is Ivor Bolton een operadirigent pur sang, die uitstekend contact houdt met de zangers. Helaas werd Bolton gehinderd door een zich op het toneel bevindende, luit spelende Koos Koets, die zich met de recitatieven bemoeide, een vondst van onze vrienden Rolf & Viktor. Hoe dan ook, wat Bolton betreft: zijn Mozart leeft.

Wij hadden gehoopt in Amsterdam van het duo Wieler & Morabito af te zijn. Dat was goed geweest voor het operaminnend publiek, voor DNO en vooral voor Mozart.

Olivier Keegel
(gepubliceerd 4 oktober 2019)


Olivier Keegel
Olivier Keegel

Chief editor and reviewer

Bellini, Donizetti. Tito Schipa, Fritz Wunderlich, Ileana Cotrubas. Stefano Mazzonis di Pralafera, Laurence Dale. Certified unmasker of directors’ humbug.

12
Reageer op dit artikel

avatar
6 Comment threads
6 Thread replies
9 Followers
 
Most reacted comment
Hottest comment thread
9 Comment authors
Olivier KeegelfredJan de JongPieter K. de Haan.Esther Chayes Recent comment authors
  Subscribe  
nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op
Hans van Verseveld
Gast
Hans van Verseveld

Bij Don Giovanni in het beddenpaleis ben ik indertijd weggelopen. Bij Le Nozze di Figaro in de autoshowroom ben ik voor de zangers blijven zitten en de Cosi had ik om mij inmiddels onbekende redenen twee keer gezien, maar ik laat hem nu aan mij voorbij gaan. Shit uit een recent verleden voor de derde keer op de bühne brengen getuigt niet van veel visie en als ik naar de kaartverkoop kijk dan wordt die mening kennelijk breed gedeeld.

georgette hella
Gast
georgette hella

Ik heb “het” niet gezien en wil het ook niet zien. Heb zo langzamerhand genoeg van eigengereide “regisseurs” die hun ……….. vegen aan al datgene dat librettisten en componisten samen hebben gecreëerd gaande van La bohème in de ruimte (Claus Guth) tot een wangedrocht van La Forza del Destino in Berlijn met dank aan Frank Castdorf. Zo gaat “het vet (compleet) van de soep.

fred
Gast
fred

die nozze vond ik best okay/genietbaar en zag er geen storende dingen in

Mauricio Fernandez
Gast
Mauricio Fernandez

Voor mij was Don Giovanni (de helft wel te verstaan want ik ben in de pauze gevlucht) meer dan genoeg om af te zien van verdere kwellingen en slachting van Mozart en da Ponte. Enough is enough!

Bas de Kwant
Gast
Bas de Kwant

Wat erg. Deze recensie ontneemt mij alle zin om te gaan die ik op basis van de titel van het affiche wel heb. Waanzin.

Esther Chayes
Gast
Esther Chayes

Meesterlijke recensie.

fred
Gast
fred

Vind ik dus niet, Keegel is goed in zijn terminator-like besprekingen van regies, maar in heel deze recensie geen woord over de zangers, ik dacht nochtans dat er in een opera ook zangers waren en die hebben ook recht op een woordje!!!!!

Pieter K. de Haan.
Gast
Pieter K. de Haan.

Ik heb deze rampzalige trilogie destijds in zijn geheel doorstaan. Die zal toen in mijn (vrienden)abonnement hebben gezeten. Così was dan nog de minst erge van de drie. Nee, hier ga ik echt niet meer voor naar Amsterdam.

Jan de Jong
Gast
Jan de Jong

De letterlijke vertaling van “Così fan tutte” is wel degelijk, “zo doen zij alle(n).” Uit deze drie woorden hoeft in het Italiaans nog niet te blijken dat het om vrouwen gaat. Evengoed zou het om alle vlinders, eksters of koeien kunnen gaan. Dat het om alle vrouwen gaat, blijkt uit Don Alfonso’s “Tutti accusan le donne” in het terzet voor de finale van het tweede bedrijf. “Tutti accusan le donne”, maar niet alleen die passage, maakt ook duidelijk dat bij het vrouwonvriendelijke van Cosí fan tutte wel wat kanttekeningen kunnen worden geplaatst. Het is niet zo simpel en ongenuanceerd, zoals… Lees verder »